‘Waarom zou je eigenaar van kleding zijn?’

article
published at 29-04-15, by Grensverleggers Redactie

Van tevoren nadenken en onderzoeken welk effect een ontwerp heeft op mens en milieu, dat propageert productontwikkelaar Fioen van Balgooi. Helaas mist ze dit grondige denkwerk in de huidige mode-industrie. “Daar is het streven vooral zo snel mogelijk zo veel mogelijk collecties verkopen. Dat leidt tot verspilling.”

De Tegenlicht-aflevering Afval is voedsel bracht haar op een radicaal ander spoor. Eerst wilde Fioen van Balgooi ‘gewoon’ textielontwerpster worden. Kennismaking met het C2C-principe veranderde haar plannen.

“Tijdens mijn opleiding en direct daarna focuste ik enorm op de vraag hoe productontwerpers met de C2C-principes kunnen ontwerpen. Welke materialen zijn daar voor nodig? Toch bleek het een lastige combinatie: het bedenken van een goed concept én ervoor zorgen dat dit helemaal aan de C2C-eisen voldoet. Er gaat namelijk zo veel tijd in zitten om precies uit te zoeken welke materialen nu wel schadelijk zijn en welke niet, en wat wel en niet eenvoudig uit elkaar te halen is voor recycling.”

Eco-effectief ontwerpen

Daarom scheidde Van Balgooi de ontwerpwerkzaamheden. Het bedenken van een idee liet ze over aan conceptontwerpers: zij inventariseerden de wens van de klant en bedachten daar een ontwerp bij. Van Balgooi richtte zich met haar bedrijf Refinity op het zogenoemde eco-effectieve ontwerpen.

Van Balgooi: “Ik keek vervolgens welke materialen op duurzaamheidsniveau geschikt zouden zijn voor het bedachte concept. Zo ontstond dus een samenwerking tussen verschillende soorten ontwerpers. Ik ben nu trouwens op zoek naar een andere werkvorm dan die van zelfstandig ondernemer. Bijvoorbeeld een partnerschap of baan binnen praktisch en inhoudelijk onderzoek, zodat ik niet alle aspecten van het ondernemerschap zelf hoef te doen, zoals acquisitie en marketing. Ik wil krachten bundelen zodat iedereen kan doen waar hij plezier in heeft en goed in is.”

Opgebruikte grondstoffen

Het woord ‘mode’ is nog helemaal niet gevallen. Dat heeft ermee te maken dat Van Balgooi zich in de loop der jaren wat heeft verwijderd van de mode, ten gunste van het productdesign. Toch heeft ze een heldere visie op de modewereld: “Mijn grootste bezwaar is dat de reguliere modebedrijven veel te snel werken. Er is geen tijd meer voor grondige Research & Development.

Onderzoek naar welke duurzame materialen en technieken er bij kleding gebruikt zouden kunnen worden, daar hebben veel modebedrijven helemaal geen tijd voor. Hun streven is vooral zo snel mogelijk zo veel mogelijk collecties verkopen. Dat verdienmodel stuit me tegen de borst, want het leidt tot ongelofelijk veel verspilling. Ik merkte het ook bij mezelf: vroeger wilde ik elke keer weer nieuwe kleding, maar door de productie daarvan worden veel grondstoffen nodeloos opgebruikt. Inmiddels ben ik lid van de Kledingbibliotheek, want waarom zou je eigenaar van kleding zijn? Kleding lenen is een prima alternatief voor kleding kopen.”

Nieuwe materialen en technieken

De vraag welke futuristische materialen en nieuwe recyclingtechnieken in de modetoekomst beeldbepalend gaan worden, vindt Van Balgooi lastig te beantwoorden. “Puur omdat ik altijd kijk naar de klantwens en op basis daarvan ga kijken welke duurzame materialen en technieken daarbij passen. Er is namelijk zoveel innovatiefs mogelijk.

Om toch een voorbeeld te geven: een bedrijf dat zolen voor schoenen produceert, benaderde mij met een ontwerpvraag. Zooltjes zijn meestal van PU-schuim gemaakt, maar dit bedrijf wilde een milieuvriendelijk zooltje hebben van natuurlijk materiaal. In plaats van een een-op-een vervanger van PU-schuim, hebben we de eigenschappen geformuleerd waaraan het nieuwe zooltje zou moeten voldoen. Het moest vormvast zijn, flexibel, antislip en luchtdoorlatend. Op basis van die set eigenschappen heb ik materiaalvoorstellen gedaan, waaronder kurk, leer en bioplastic. En zo kwamen er veel meer ontwerpmogelijkheden dan enkel met PU-schuim!”

Ook van innovatieve recyclingtechnieken heeft Van Balgooi als laatst een voorbeeld: “Wear2 is een technologie waarbij garen in een grote magnetron kunnen worden opgelost, waardoor het recyclen van kleding – of delen van kleding – veel gemakkelijker wordt. Denk bijvoorbeeld aan bedrijfskleding met een opgenaaid logo. Die kan dankzij Wear2 eenvoudig worden hergebruikt.”

Een andere techniek is het vervangen van textielprints, in mode is veel tijdelijk, maar onze prints worden permanent op de textiel gedrukt. Wanneer deze ook te verwijderen zijn is recycling van het textiel gemakkelijker.

Kledingontwerp Anne Noordegraaf, Printontwerp More Tea Vicar, Fotografie Janneke Tol, Model Lori Schriekenberg