'Nederland kan veel meer verdienen met zijn kennis'

article
published at 31-05-15, by Grensverleggers Redactie

Het verbinden van waarden, het samenbrengen van stakeholders, het te gelde maken van agrosysteemkennis: het klinkt allemaal vrij abstract wat Sander Mager met Licence to Grow doet. Toch heeft hij een logisch en kraakhelder verhaal over metropolitane landbouw.

Hoe voeden we de steeds groter wordende stedelijke populatie op deze wereld? Met deze vraag houdt Sander Mager zich bezig met zijn adviesbureau Licence to Grow. Een cruciale taak van Mager bij het beantwoorden van deze vraag, is het bijeenbrengen van de juiste stakeholders uit stad en agrifood. "De agribusiness kan zo veel waarden leveren. Niet alleen het voeden van mensen, maar denk ook aan het vergroenen van de stad, het produceren van energie, het sluiten van kringlopen, het tegengaan van hittestress en et cetera. Belangrijk is dat de juiste stakeholders dit gaan inzien."

De stad als kans

"Agrifood ondernemers moeten de stad niet zien als bedreiging, maar als enorme kans. Vaak zijn ze wat beducht voor de stad, omdat die vruchtbare grond inneemt. En omdat die kritische consumenten herbergt, die steeds meer eisen stellen over hoe en wat die ondernemer produceert. Terwijl er, met de waarden die ik net noemde, zo veel kansen liggen voor agrifood-ondernemers. Aan de andere kant moeten ook stedelijke overheden en stedelijke ontwikkelaars gaan nadenken over de toegevoegde waarde van de landbouw. Ze beschouwen het nog te vaak als landelijke of provinciale aangelegenheid. Maar de toenemende verstedelijking dwingt ze zich af te vragen: hoe voed ik mijn burgers en hoe houd ik mijn stad leefbaar?"

Rondeelei

Mager probeert die stakeholders - niet zelden gezworen 'tegenstanders' - samen aan tafel te krijgen om ongedachte partnerschappen te ontwikkelen. "Dat levert vaak veel op. Voor ik met Licence to Grow begon, was ik programmamanager bij TransForum. Ook daar waren we bezig met metropolitane landbouw. De agrifood-ondernemers die de verbinding konden leggen met de stad, waren stuk voor stuk innovatief en succesvol.

Een goed voorbeeld is het rondeelei. Het is ons daarbij gelukt de Dierenbescherming als stakeholder aan tafel te krijgen. We hebben tegen ze gezegd: blijf nou niet aan de zijlijn kijken wat we aan het doen zijn, lever straks geen kritiek achteraf, maar help met het ontwerpen van eisen vóóraf! Dat is gelukt, en zelfs Stichting Wakker Dier oordeelde positief over het rondeelei. Zo ontstond een gezamenlijk ownership, waarbij elke stakeholder trots kon zijn."

Kritisch puntje...

Hoe weet je nu welke stakeholders je precies moet uitnodigen om iets tot een succes te maken? Mager: "Ik houd diepte-interviews met de kandidaat-partijen. Kijk naar waar hun motivatie en hun belang ligt. En vooral: welke waarden voor hen belangrijk zijn. Vanuit die waarden zoek ik verbinding met andere stakeholders en daarmee gaan we gezamenlijk aan de slag. Duurzaamheid gaat uiteindelijk over een goede balans tussen verschillende waarden."

Het belang van systeemkennis

Tot zover Nederland. De vraag is in hoeverre dit polderen - wat het in feite toch is - ook internationaal toepasbaar is. Mager: "Dat is het júíst. Nederland loopt internationaal voorop als het gaat om omgevingsgevoeligheid en agrosysteemkennis. Daarmee bedoel ik kennis van het voedselsysteem, welke partijen belangrijk zijn, welke waarden ze voorstaan, welke interventies slim zijn, et cetera. In Nederland leven we met z’n allen op een klein stukje grond; we weten andere partijen snel te vinden. Elders is dit minder goed ontwikkeld, terwijl voor metropolitane landbouw - het duurzaam voeden van de stedelijke bevolking - die systeemkennis en het kunnen ondernemen in zo'n complexe omgeving juist heel belangrijk is."

Kansen voor Nederlandse ondernemers dus? Mager: "Absoluut. In mijn ogen ligt er nu een te groot gat tussen de 'Holland-promotie' - het vertellen hoe goed we zijn als tweede exporteur van de wereld - en het simpelweg leveren van producten en technieken. Dat gat moet worden opgevuld door het tot waarde brengen van die systeemkennis. Je kunt wel een hightech kas ergens op de wereld neerzetten, maar hoe weet men daar dan hoe ze het afval moeten verwerken, waar de zaden vandaan moeten komen, waar de producten heen moeten, welke rol de overheid moet nemen enzovoort?

Hier liggen niet alleen goede mogelijkheden voor strategische adviesbureaus, project- en gebiedsontwikkelaars en kennisinstellingen, maar zeker ook voor innovatieve MKB-bedrijven die 'verpakte kennis' verkopen. Ik ben ervan overtuigd dat Nederland in de toekomst veel meer zal verdienen aan kennis van het agrosysteem dan aan de export van primaire producten uit de landbouw."