“Je hebt zeker te veel kruidenthee gedronken?”

article
published at 17-03-15, by Grensverleggers Redactie

MVO en scheepvaart, het was jarenlang geen gelukkige combinatie. Oude zeebonken vonden aandacht voor mens en milieu soft en zweverig. Volgens Eelco Leemans, directeur van Stichting De Noordzee, is dat lang niet altijd meer zo. Toch valt er nog genoeg te verbeteren. En gelukkig heeft Leemans daarvoor meer dan voldoende tips en adviezen.

“Wij handelen met respect voor het aquatisch milieu en de leefkwaliteit van mensen in onze omgeving. Daarbij bieden we een aantrekkelijke werkomgeving.” Zo luidt een van de laatste ambities van MVO maritieme sector 2040. Eelco Leemans, directeur van Stichting De Noordzee, ontleedt deze ambitie. Om te beginnen met dat respect voor het aquatisch milieu, wat houdt dat in? Leemans: “Lang geleden bestond het zogeheten voorzorgsprincipe. Dat betekent dat als je een of andere activiteit gaat ontplooien, je van te voren nagaat welke effecten deze activiteit zal hebben, bijvoorbeeld op het leven onder water. Helaas is dit principe de laatste tijd in onbruik geraakt."

"Als je ziet hoe in de jaren ’60, ’70 en ‘80 met de Noordzee is omgegaan… De Noordzee was in feite de plek waar je terecht kon met een probleem dat je op het land niet kon oplossen. Om enkele voorbeelden te geven: speciale schepen voeren de Noordzee op om er chemisch afval te verbranden en afvalwater van het land werd op zee geloosd. Er werd niet van tevoren nagedacht wat dit allemaal betekende voor het ecosysteem, voor de dieren die in zee leven. Respect voor het aquatisch milieu betekent dat je dit wél doet.”

Gezondheidsklachten

Iets anders uit de ambitie dat verheldering behoeft: respect voor de leefkwaliteit van mensen. Volgens Leemans kan scheepvaart op zee nadelige gevolgen hebben voor het milieu (zoals afval en lawaai), maar ook voor de mensen op het land. “Neem luchtemissies. De uitstoot van bijvoorbeeld zwavel- en stikstofoxide van sommige schepen is hoog. Voor de zee zelf is dit niet zo’n groot probleem, maar wat dacht je als een westenwind deze stof vanuit zee het land op blaast? Dat kan tot allerlei gezondheidsklachten leiden, omdat de genoemde oxides bronnen zijn van fijnstof.”

Tot slot wijst de ambitie op het belang van een aantrekkelijke werkomgeving. Waarom is zo’n expliciete vermelding eigenlijk nodig? Leemans: “Een prettige werkomgeving kan positieve effecten hebben op hoe mensen met hun omgeving omgaan. Andersom geldt hetzelfde: als je je onprettig voelt, is het gemakkelijker om bijvoorbeeld afval overboord te gooien. Ik sprak eens een groep jongens die voor het eerst met een schip meevoeren en die prima ideeën hadden over hoe je met mens en milieu moet omgaan. Eenmaal aan boord bleek dat die gedachten door de oude garde op het schip niet werden getolereerd. ‘Je hebt zeker te veel kruidenthee gedronken?’, werd er dan geroepen. Een fijne werkomgeving is dus wel degelijk van belang.”

Oceanen als bakermat van het leven

De subambitie is nu helemaal helder. Volgend punt: wat kunnen maritieme ondernemers nu concreet doen om deze doelstellingen te realiseren? Leemans heeft tal van tips: “Vooropgesteld: zorg dat er niets overboord gaat. Plastic is het allergrootste probleem waar we op zee mee te maken hebben. Flessen, jerrycans, netten van vissers, noem maar op. Gelukkig wordt het steeds makkelijker om je afval op een goede manier kwijt te raken. Havens hebben meer en meer faciliteiten daarvoor. Wat ook goed werkt: goede voorzieningen aan boord en het creëren van bewustzijn over het probleem. Want het dumpen van afval in zee mag dan wel bij wet verboden zijn, controle en handhaving op zee zijn ongelofelijk lastig."

"Daarom staat of valt alles met plekken aan boord om het afval – liefst gescheiden – kwijt te kunnen. En met bewustwording, zowel op het kantoor van de rederij als aan boord. Iedereen moet beseffen dat de oceanen de bakermat zijn van heel het leven, en dat als er onzorgvuldig met oceanen wordt omgegaan, ook die bakermatfunctie teloorgaat. Bewustwording kan heel concreet met opleiding en onderwijs. ProSea doet op dat gebied goede dingen. Met goede resultaten vooral. Vroeger zag ik die zeevaarders de cursuszaal binnenkomen, totaal ongeïnteresseerd in het onderwerp milieu, met hun benen onverschillig op de bank. Tegenwoordig is er veel meer interesse, dus dat gaat de goede kant op.”

Economische voordelen

Ook op het gebied van de verbetering van de leefkwaliteit heeft Leemans goede adviezen: “Gebruik schonere brandstof. Schaf speciale filterinstallaties aan die het zwavel uit de gassen wassen. En ga langzamer varen. Het is aangetoond dat een paar knopen minder hard flinke reductie van broeikasemissie oplevert.” Allemaal leuk en aardig, maar vrijwel alles wat Leemans noemt kost vooral geld. En een beetje ondernemer zal zich met name afvragen: wat levert het op?

Volgens Leemans win je er zeker niet alleen sympathie mee: “Er bestaan verschillende milieu-indexen voor de scheepvaart. Hierdoor kunnen juist schone schepen, die duurzaam omgaan met zee en mens, economische voordelen hebben. Neem de Clean Shipping Index uit Zweden. Deze brengt rederijen en ladingeigenaren samen. In Zweden zijn er veel grote bedrijven die heel bewust kiezen voor schone schepen om hun lading mee te vervoeren. Als voorbeeld noem ik Volvo. Dit A-merk heeft een enorm imago opgebouwd op het gebied van verantwoord, veilig en schoon. Je denkt toch niet dat als Volvo 6000 hybride auto’s naar Australië wil vervoeren, het dan in zee gaat met een rederij wiens schepen dikke, zwarte rookpluimen uitstoten?” Een soortgelijk initiatief is de Environmental Ship Index. Leemans: “De Rotterdamse haven geeft korting op het havengeld naarmate de luchtemissies van een schip lager zijn. Deze emissies staan in die index vermeld.”

Wie naar Leemans luistert, beseft dat er genoeg kansen zijn om die laatste ambitie werkelijkheid te laten worden. “Zeker. Duidelijke regelgeving is bij dit alles de basis, gevolgd door goede controle en handhaving ervan. Tel daar nog eens financiële instrumenten zoals korting op het havengeld, b-t-b-initiatieven zoals de Clean Shipping Index en bewustwordingscursussen bij op. Dan ben ik ervan overtuigd dat we in de scheepvaartsector een heel eind komen.”