Een grote sponsor, een vloek of een zegen?

article
published at 22-11-13, by Chantal Heutink

Ik denk dat ik het hardst heb gejuicht toen de deal met USAID rond was. Het voelt als een enorme erkenning na drie zware jaren en voor I-Care was het ook bittere noodzaak. Interessant om nu te kijken hoe zo’n proces verloopt en welke impact het heeft op onze organisatie. Een grant krijgen is één ding, de uitvoering van het plan is weer een ander verhaal..

Het behoeft geen betoog dat USAID de nodige eisen heeft gesteld over het behalen van de gestelde doelen en (financiële) rapportages. Werk aan de winkel, want we moeten binnen een jaar 135 scholen bezoeken en 13.500 meisjes voorzien van de vernieuwde I-Care pads. 135 scholen lijkt misschien niet veel, maar de omstandigheden waaronder we werken zijn in bepaalde gebieden ronduit zwaar. Sommige scholen liggen zeer afgelegen en zijn erg moeilijk bereikbaar. En we moeten ze allemaal minimaal drie keer bezoeken!

Het is boeiend om te zien hoe het team omgaat met een deal van deze omvang en om eerlijk te zijn hou ik mijn hart wel eens vast. Voor mij is het een kwestie van managen en loslaten, omdat ik de helft van de tijd in Nederland zit. Daardoor kan ik er wel van een afstand naar kijken en dat is heel verhelderend.

Men is bij tijd en wijle een beetje zenuwachtig als er iets opgeleverd moet worden. Het is USAID voor en USAID na. Dat is logisch, want er hangt veel vanaf. Het kostte bloed, zweet en tranen om deze grant überhaupt te krijgen, en als we het goed doen ligt er wellicht meer in het verschiet. Maar hoe ver moet je in alles gaan vraag ik me weleens af?  Voor een deel laat ik het aan het team over om het programma uit te rollen en zal ik bijsturen waar nodig. Ik ben een planner, maar in Kenia gelden soms andere regels en ik ben stiekem benieuwd hoe het lokale team dit gaat oppakken. Zodra ik een kritische vraag stel krijg ik het antwoord; “Ja maar USAID wil het zo”. “Ja, en? Het is onze organisatie en onze visie! En… als het jaar voorbij is moeten wij als organisatie door. En nog belangrijker, moeten wij ervoor zorgen dat we bestaansrecht houden en geen eendagsvlieg worden!”

Van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat is het team op pad geweest om de leiders binnen de districten te spreken, scholen te bezoeken en leraren te trainen. Mooi, tot dusver zitten we op schema. Maar wat gebeurt er met onze huidige programma’s en klanten? Daar wringt de schoen. Alle ogen zijn gericht op de 135 scholen en het lastige van ons programma is dat het nu examentijd is en in de maand december alle scholen dicht zijn. Het is hiermee hollen of stilstaan.

Een belangrijk leermoment voor de organisatie: toch weer die planning & organisatie… die is cruciaal. Dus voor volgend jaar hebben we, jawel… een planning gemaakt! Twee dagen per week gaan onze vaste medewerksters aan de slag voor USAID en de overige dagen zijn voor onze andere klanten en programma’s. Daarnaast gaan we meer werken met flexibele I-Care-ambassadeurs die tijdens de piekweken kunnen meedraaien.

Voordeel van onze grote sponsor:
 

  • We staan met I-Care nu meer op de kaart

  • Door de grant hebben we een onderhandelingspositie richting partners en leveranciers

  • Het houdt ons scherp

  • Het dwingt ons om de interne organisatie op orde te hebben en te houden

Nadeel:
 

  • Bewaken van eigen visie en missie en niet laten dicteren hoe we het zouden moeten doen

  • De hoeveelheid rapportages die opgeleverd moeten worden

  • Alle ogen intern zijn gericht op USAID, maar hoe zit het met de huidige klanten?

  • Als een grote partner/sponsor wegvalt, wat dan? Hebben we genoeg spreiding?

Tot dusver vind ik het een zegen en een spannend nieuw avontuur! Geef ons maar nog meer sponsors!