Een blauwe businesscase

article
published at 22-07-15, by Grensverleggers Redactie

1 liter voor 1 liter. Ofwel 1 liter waterverbruik door een Nederlands bedrijf levert 1 liter schoon drinkwater op in een ontwikkelingsland. Zo luidt de missie van Made Blue. Oprichter Machiel van Dooren vertelt hoe dit in de praktijk werkt. En of dit werkelijk veranderingen bij bedrijven tot stand brengt.

Met zijn compagnons Frank van der Tang en Robin Pot startte Machiel van Dooren begin 2014 Made Blue. Het principe klinkt zo eenvoudig. Van Dooren: "Het water dat een bedrijf gebruikt voor zijn producten, processen en diensten – van het draaien van de wasmachine tot het maken van cappuccino – wordt in gelijke hoeveelheid beschikbaar gesteld als schoon drinkwater in ontwikkelingslanden."

Watervoetafdruk

Een lastig element hierbij kan het bepalen van het waterverbruik van een bedrijf zijn, erkent ook Van Dooren: "De 'watervoetafdruk' van het bedrijf in kaart brengen is een belangrijke eerste vereiste. Het bedrijf doet dat in principe zelf, maar wij kunnen daarbij helpen. Sowieso controleren we de opgave altijd, omdat we willen dat het klopt.

Bij een hotel is het niet zo lastig, daar hoef je alleen de meterstand af te lezen. Zo zie je hoeveel water is verbruikt voor bijvoorbeeld douche en toilet. Ingewikkelder wordt het bij een bedrijf dat op Schiphol latte macchiato verkoopt. Want hoeveel glazen water zijn nodig om één latte te maken? Gelukkig krijgen we veel steun van het Water Footprint Network, verbonden aan de Universiteit Twente. Zij kunnen de watervoetafdruk van allerlei processen en producten, zoals biefstuk en een katoenen trui, berekenen en wetenschappelijk onderbouwen."

5000 liter per euro

Wanneer die watervoetafdruk eenmaal is vastgesteld, volgt stap twee: het berekenen welke donatie van het bedrijf hieruit volgt. Van Dooren: "Daar is behoorlijk veel werk in gaan zitten. Stel dat een bedrijf een miljoen liter water verbruikt. Hoeveel moet hij dan doneren om diezelfde hoeveelheid in een ontwikkelingsland mogelijk te maken? Nu zijn we zover dat we samenwerken met vijf goede doelen, op vijf verschillende plekken in de wereld. We beschikken over een portefeuille aan projecten, zoals het aanleggen van waterputten, filtersystemen en pijpleidingen, die alle meetbaar drinkwater opleveren. Doordat de kosten transparant zijn, lukt het ons om een zekere, stabiele prijs te vragen voor het leveren van schoon drinkwater in ontwikkelingslanden. Heel concreet: voor elke euro die wordt gedoneerd, kunnen we 5000 liter schoon drinkwater garanderen. Zo kunnen we dus ook transparant de rekensom maken voor bedrijven. Het realiseren van een miljoen liter schoon drinkwater kost 200 euro."

Op de vraag welk deel van elke gedoneerde euro er uiteindelijk voor Made Blue overblijft, reageert Van Dooren resoluut: "Geen. Wij verdienen niet aan de donaties van bedrijven. Ons verdienmodel is gebaseerd op abonnementen. Bedrijven kunnen zich op verschillende manieren abonneren op Made Blue en betalen daar een bijdrage voor. Zo verdienen wij ons geld. Ter illustratie: de goedkoopste vorm is een certificaat dat we jaarlijks toesturen en waarop we inzichtelijk maken wat het waterverbruik is van het betreffende bedrijf en hoe we dat hebben berekend."

Verandering bij bedrijven

Een relevante MVO-kwestie bij de "Made Blue"-formule is dat Nederlandse bedrijven niet worden gestimuleerd om hun eigen waterverbruik terug te dringen. Integendeel zelfs: meer waterverbruik betekent meer schoon water elders op de wereld. Toch klopt deze aanname volgens Van Dooren niet en kijken bedrijven wel degelijk ook naar hun eigen verbruik.

"Een helder voorbeeld is het schoonmaakbedrijf Hago, een van onze eerste klanten. Dat was meteen een lastige, want hoe bereken je het waterverbruik van een schoonmaakbedrijf, dat immers schoonmaakt met water van anderen? Om daarachter te komen zijn we gaan meelopen met ze. Dus naar ziekenhuizen, naar Schiphol, naar evenementen. Puur om te kijken hoeveel water een schoonmaker per uur verbruikt. In die speurtocht viel op dat het meeste water wordt verbruikt bij de schoonmaak van de toiletten. Een schoonmaker spoelde het toilet voor, en na het schoonmaken spoelde hij het ook nog eens na. Dit kostte tweemaal zes liter water. Tikt aardig aan als je een hele serie toiletten schoonmaakt… Dit inzicht heeft ertoe geleid dat Hago is gaan kijken naar toepassing van bepaalde biologisch afbreekbare chemicaliën, waardoor het naspoelen in de toekomst wellicht niet meer nodig is en water wordt bespaard. Er is dus wel degelijk iets veranderd bij dit bedrijf."

Maar goed, dan nog: Hago gaat minder water verbruiken, dat betekent dan automatisch dat dit bedrijf voor minder schoon drinkwater in Afrika zorgt. Van Dooren: "Dat is een klein dilemma inderdaad. Maar in de praktijk zien we dat Hago zo trots is op het resultaat dat het dit ook richting stakeholders uitdraagt. Dit levert ons weer nieuwe klanten op. Deze groei betekent uiteindelijk weer meer schoon drinkwater voor landen waar dat nodig is. En onze bezinning op het dilemma heeft onlangs geleid tot een interessante afspraak met een nieuwe opdrachtgever. Dit betreft een producent van waterbesparende kranen. De kraan bespaart twee liter water per verbruikte liter. De businesscase lijkt te gaan worden dat we deze bespaarde liters in een ontwikkelingsland als schoon drinkwater laten terugkomen. Een superspannende ontwikkeling!"