De Europese landbouwministers op een technofeestje

article
published at 06-06-16, by Michaël Wilde

Afgelopen maandagmorgen maakte ik een praatje met staatssecretaris Martijn van Dam, EU-Commissaris Phil Hogan en de landbouwministers van Zweden, Denemarken, Frankrijk, Roemenië, Hongarije, Cyprus, Slowakije, Estland en Slovenië. Nee, het is niet zo dat ik elke maandagochtend werkoverleg voer met de complete Europese landbouwtop.

De complete Europese landbouwtop bezocht op uitnodiging van staatsecretaris Van Dam ons prachtig landje omdat we EU-voorzitter zijn. De traditie wil dat de landbouwminister zijn collega’s meeneemt naar zijn geboortestreek. Daarom had Van Dam in zijn thuishaven Eindhoven een expo georganiseerd, Food to Be, waar verschillende organisaties hun ideeën rondom de toekomst van onze voedselproductie presenteerden.

Twee weken van te voren kreeg ik voor Eosta een uitnodiging en greep meteen de kans. Tijdens de expo bleek dat men vooral met technologische innovatiekracht wilde pronken. Als leverancier van biologisch, duurzaam groente en fruit wilde ik een ander verhaal vertellen op dit oranje technofeestje.

Mijn verhaal ging over de True Cost of Food Campagne. In de landbouw is er sprake van veel verborgen kosten die niet worden meegenomen in de prijsberekening. Kosten die wel moeten worden betaald door de belastingbetaler of toekomstige generaties. Denk aan het reinigen van met pesticiden vervuild water of het herstellen van verarmde bodems. Ook klimaatverandering en de obesitas-epidemie heeft  alles met landbouw te maken. Als je dit uitdrukt in cijfers kan je maar tot 1 conclusie komen: gangbare producten zijn veel te goedkoop! De lange termijn oplossing zit in duurzame, biologische landbouw.

De vraag was natuurlijk of de Europese ministers hier interesse in zouden hebben, want mijn verhaal concurreerde met drones, robots, vlees-ijs (ja vlees-ijs!), en 3D-geprint “eten”. In de kraam naast mij lagen gestreepte paprika’s en een kroonloze ananas. Daar stond niemand bij om uitleg te geven. De twintig ministers liepen een beetje verloren rond.

Met de gestreepte paprika’s als lokkertje sprak ik ze stuk voor stuk aan om te vertellen over onze natuurlijke, duurzame innovatie in de vorm van de True Cost of Food Campagne. Uit de gesprekken werd snel duidelijk dat de robots en het vlees-ijs mijlenver af stonden van de werkelijkheid van deze Europese ministers. Zij beschreven hun eigen landbouw als traditioneel, met minimaal gebruik van kunstmest en pesticiden (te duur) en leken zich een beetje te generen voor het gebrek aan hightech in hun landbouw.

Zodra ze begrepen dat hun “traditionele” landbouw eigenlijk een heel toekomstgerichte manier van landbouw bedrijven is, omdat het veel minder negatieve impact heeft op milieu en gezondheid dan de grootschalige industriële manier, zag ik ze opfleuren. Dr Sándor Fazekas, de Hongaarse minister van Landbouw en trotse eigenaar van een aantal prachtige perenbomen, concludeerde dan ook: “Onze tradities zijn zo slecht nog niet!”.

Wat de Europese landbouw nodig heeft, is duurzame, biologische innovatie en na afgelopen maandag denk ik dat veel Europese ministers open staan voor dat idee. Met vlees-ijs komen we er niet.

Afbeelding: Michaël met de slowaakse minister van agricultuur, Mevrouw Gabriela Matečná.



Set up by
Communicatie Duurzaamheids Manager

Join the talk