Bouwen EN verdienen aan de duurzame stad in Afrika

article
published at 09-09-14, by Remco Rolvink

De wereld verstedelijkt in snel tempo. Per minuut komen er X aantal huizen bij, het grootste deel daarvan in ontwikkelingslanden. Hoe kun je hier als Nederlandse MKB’er op inspelen en concurreren in een markt waar grote internationale projectontwikkelaars en Chinese staatsbedrijven domineren?

Samen Met Robert van Kats en Mark Hendriks besloot Remco Rolvink in 2012 om een groep ondernemers bij elkaar te zoeken om gezamenlijk de markt in Afrika te benaderen. Binnen twee maanden waren er tien bedrijven aan boord, die nu samenwerken onder de naam DASUDA (The Dutch Alliance for Sustainable Urban Development in Africa). De groep bestaat uit architecten, milieukundigen, planologen, waterspecialisten en energiespecialisten.

We interviewde Remco Rolvink: “Wat ons verbindt is het geloof in een integrale aanpak van de problematiek in Afrikaanse steden en dat dit alleen maar kan door vanaf het begin af aan multidisciplinair naar een opdracht te kijken.”

Hoe kunnen jullie concurreren in een markt die wordt gedomineerd door grote projectontwikkelaars en Chinese staatbedrijven? We hebben met dit MKB-consortium een groot voordeel ten opzichte van grote adviesbureaus. Als wij aanschuiven, zitten de ondernemers zelf aan tafel. Zij hebben zelf de technische kennis in huis om naar vraagstukken te kijken en zijn meteen de beslissers voor hun eigen onderneming. We kunnen dus grondig te werk gaan en tegelijk snel schakelen. Daar komt bij dat wij in deze markt van grote spelers zelfs met een relatief klein marktaandeel en in een specifieke niche veel werk kunnen genereren, omdat de markt heel groot is.

DASUDA werkt met drie pijlers: economic growth, spatial quality en sustainability. Die willen we in evenwicht brengen. In de Afrikaanse praktijk betekent dat dat je insteekt vanuit economic growth om daarna de andere aspecten aan te snijden. Duurzaamheid betekent voor lokale partijen vooral zuinig en goedkoop. Milieu is voor hen vaak nog geen issue. De uitdaging voor ons is om te laten zien dat economic growth gebaat is bij duurzaamheid. Dat er duurzame systemen denkbaar zijn die daaraan bijdragen. Bijvoorbeeld een integraal systeem van watervoorziening, in plaats van iedereen zelf een put te laten slaan. De steden dijen uit en men heeft geen idee hoe het ervoor staat met bijvoorbeeld de watervoorraden in snel groeiende steden. Dat verhaal moet je vertellen.

Hoe gaan jullie om met corruptie?
Daarover kan ik helder zijn: onze bedrijven zitten op een lijn als het gaat om corruptie. Doordat we klein zijn en we zelf om de tafel gaan, kunnen Robert en ik tijdens een gesprek gemakkelijk elkaar aankijken en aangeven dat het geen goed gevoel geeft en dan beëindigen we het gesprek beleefd.

Als het wel goed voelt volgt er zo snel mogelijk een schriftelijke intentieverklaring met daarin opgenomen internationale verdragen en richtlijnen. Zoals Robert eerder ook op Grensverleggers TV zei: “Zaken doen zonder mee te gaan in corruptie kan. We hebben nog nooit iets betaald en we zijn hier nog steeds.”

Waar zie je kansen voor Nederlandse bedrijven?
 “Als in een grote stad in Nigeria, of andere relatief rijke steden, de stroom uitvalt – en dat gebeurt dagelijks een of twee keer – starten er een paar duizend dieselmotoren, die allemaal staan te ronken en gas en rook uitspugen. Op ieder huis een klein zonnepaneel zou dit probleem enorm kunnen ondervangen.”

In Sub-Sahara Afrika is de potentie voor groei van steden zo groot dat steden elkaar gaan concurreren. Je moet dus op regiobestuursniveau insteken. Daar liggen voor ons vaak de kansen. Hiervoor werken we samen met RVO NL (PiB) om invloed op het bestuur uit te oefenen. Dankzij dit programma hebben we full-time iemand op de ambassade in Nairobi om marktkansen voor duurzame stedelijke ontwikkeling te verkennen. Drie weken nadat Stephen was aangesteld was er een handelsmissie met minister Ploumen gerealiseerd en mocht DASUDA een dag van het programma vullen met een workshop. Zo zie je; samenwerking met de Nederlandse overheid kan echt helpen.

Maar de mate van succes hangt sterk af van de houding van bijvoorbeeld een state governor. Als die enige visie heeft en zegt “we zijn een metropol aan het worden, het moet anders”, dan kan het balletje heel snel rollen. Eén deelstaat verderop kan het vanwege een andere leider weer compleet anders zijn.

Op gebied van water zouden Nederlandse ondernemers enorm veel kunnen brengen; sanitatie, opslag, drinkwater, kustverdediging. Er zijn al partijen actief, maar er ligt echt nog enorm veel werk. Als ondernemer ben je van nature niet bezig met al te ver om je heen te kijken. Er zijn niet veel partijen die een integrale oplossing bieden. Wel veel bouwers, maar die kijken vooral naar een gebouw. Onze zorg is dat dit niet integraal gebeurt. Daarom hebben wij Dasuda ook opgericht en werken we momenteel, ondersteund vanuit het IMVO-programma, aan een integrale benadering voor sanitatie, energie en landbouw in Ghana.

Wat we ook doen, het moet commercieel werken. Vooral omdat dit lokaal, in Afrika, de focus is. Iedereen denkt commercieel. Als je dat niet doet is niemand meer geïnteresseerd in je en heb je geen platform. Mensen in de politiek zijn in deze landen mensen uit de top van het bedrijfsleven. Logisch dus dat een commerciële benadering noodzakelijk is.”

Wat houdt DASUDA nog tegen?
Niks!

Sinds een jaar is Remco ook actief betrokken bij IMVO-programma Duurzame Stedelijke Ontwikkeling van MVO Nederland.